Compliant blijven vraagt om meer dan inspectie alleen
Maintain & Improve
In de meeste plants is ATEX geen onbekend onderwerp. Toch gaat het in de praktijk nog regelmatig mis zodra een installatie wordt aangepast. Niet omdat veiligheid geen prioriteit heeft, maar omdat bij wijzigingen de impact op ATEX-compliance niet altijd tijdig wordt meegenomen.
In dit blog lees je waar het vaak misgaat, welke risico’s dat oplevert en wat je minimaal op orde moet hebben om veilig en compliant te blijven.
Waarom het bij wijzigingen vaak misgaat
Veel installaties zijn ooit goedgekeurd of geïnspecteerd. Dat geeft vertrouwen, maar zo’n beoordeling zegt alleen iets over de situatie op dat moment. Zodra je daarna iets vervangt, repareert, verplaatst of uitbreidt, moet je opnieuw kijken of de installatie nog veilig en compliant is. Juist daar gaat het in de praktijk mis.
Vaak gebeurt dat niet uit onwil, maar door aannames. Men vertrouwt op een leverancier, bestelt “ATEX” zonder de exacte toepassing goed te toetsen, of gaat ervan uit dat een eerdere goedkeuring nog steeds geldt. Terwijl de echte vraag altijd is: past deze oplossing nog bij deze zone, deze stof- of gasgroep en deze manier van gebruiken? Of, zoals het treffend zegt: een pomp is niet zomaar een pomp.
Wat zijn de risico’s als je dit laat liggen?
Als een installatie in een ATEX-zone niet aantoonbaar veilig is, blijft het zelden bij een opmerking in een inspectierapport. De gevolgen kunnen groot zijn: afkeur bij audits, herstelkosten achteraf, productiestilstand en in ernstigere gevallen onveilige situaties voor medewerkers en omgeving. Daarbij is de handhaving de afgelopen jaren aangescherpt en zijn auditresultaten en incidenten steeds minder iets wat binnenskamers blijft. Daarmee raakt dit onderwerp niet alleen veiligheid en compliance, maar ook reputatie, continuïteit en de druk op een maintenance-organisatie die vaak toch al vol zit.
Wat moet je minimaal op orde hebben?
ATEX-compliance begint bij een goede basis. Minimaal moeten de volgende zaken op orde zijn:
Dit is de basis. Hierin staat met welke stoffen je werkt, waar zonering geldt en welke risico’s daarbij horen.
Je moet zeker weten welke componenten, machines en installatiedelen zich in de zone bevinden en of die geschikt zijn voor de omstandigheden daar.
Documentatie moet aansluiten op de werkelijke situatie op de vloer. Zeker na wijzigingen, reparaties of uitbreidingen.
Niet pas bij inspectie, maar al bij ontwerp, inkoop, modificatie en onderhoud. Juist daar worden keuzes gemaakt die later bepalend zijn voor compliance.
Er moet iemand verantwoordelijk zijn voor het bewaken van wijzigingen, de impact op de ATEX-situatie en het moment waarop herbeoordeling nodig is.
Hoe vergroot je ATEX-bewustzijn in de organisatie?
ATEX-compliance vraagt niet alleen om inspectie en documentatie, maar ook om kennis in de organisatie. Een praktische manier om dat te versterken is gerichte awareness training. Zo hebben wij een energiebedrijf geholpen aan meer ATEX-bewustzijn via een remote awareness training. Die klantcase laat zien hoe je ATEX niet alleen toetst, maar ook beter borgt in de organisatie.